Naar blogoverzicht

Sterven is een wederzijds proces

Datum: 12 maart 2026

Door: Nicole Broers – schrijfster, innerlijk reisbegeleider

Sterven als wederzijds proces: over liefde, bescherming en loslaten. Holistische stervensbegeleiding voor gezinnen in Utrecht, Stichtse Vecht en Maarssen. | Nicole Broers

Over liefde, bescherming en loslaten

Wanneer iemand ongeneeslijk ziek wordt of het leven langzaam eindigt, verschuift er iets in de werkelijkheid van iedereen die betrokken is. Niet alleen het leven van degene die ziek is verandert, ook het gezin, de familie en de mensen daaromheen voelen dat er een andere fase is begonnen. In die periode ontstaan vragen, gesprekken en gevoelens waarvoor vaak weinig woorden zijn, terwijl het leven ondertussen gewoon doorgaat.

Sterven blijkt dan niet alleen iets van één persoon te zijn. Het raakt en beweegt door alle relaties heen die met elkaar verbonden zijn.

Sterven als wederzijds proces

Sterven is een wederzijds proces. Dat inzicht is pas langzaam in mij gegroeid, jaren nadat mijn dochter Anne Marèl was overleden. In de periode zelf leefden we vooral van moment naar moment., in het hier en nu. Zeven maanden waarin het leven telkens opnieuw moest worden bijgesteld. Wat kan er nog? Wat wil er nog? Wat is nu belangrijk?

Wanneer je hoort dat iemand die je lief is niet lang meer te leven heeft, denken veel mensen dat alles ineens alleen nog maar over de dood gaat. Maar wat ik heb ervaren, is bijna het tegenovergestelde. Het gaat juist over het leven. Over wat er nog wél mogelijk is, over wat iemand nog wil meemaken, over woorden die misschien nog uitgesproken willen worden.

Dat geldt wanneer een kind sterft. Maar net zo goed wanneer een ouder ziek wordt, wanneer een partner ongeneeslijk ziek blijkt te zijn, of wanneer iemand binnen een gezin langzaam naar het einde van het leven beweegt. In al die situaties verandert niet alleen het leven van degene die ziek is. Het hele systeem beweegt mee.

Sterven wordt vaak gezien als het proces van degene die gaat. In werkelijkheid raakt het alle relaties daaromheen: partners, ouders, kinderen, broers, zussen, familie en vrienden. Ieder beleeft die periode op zijn eigen manier en doorloopt een eigen innerlijke beweging.

Daarom zeg ik nu: sterven is een wederzijds proces.

Liefde die niet meer vrij kan stromen

Wanneer een gezin geconfronteerd wordt met een naderend sterven, is er vaak ongelooflijk veel liefde. Misschien wel meer dan ooit. En toch gebeurt er iets bijzonders: die liefde kan niet altijd meer vrijuit stromen.

Niet omdat ze er niet is. Maar omdat iedereen probeert de ander te beschermen.

De zieke probeert de naasten te beschermen. Partners beschermen elkaar. Ouders beschermen hun kinderen. Kinderen proberen sterk te zijn voor hun ouders.

Maar bescherming is niet het enige wat kan gebeuren in zo’n periode. Mensen kunnen zich ook gaan aanpassen. Gaan pleasen. Sommigen worden boos of gefrustreerd. Anderen trekken zich juist terug. Er zijn mensen die niet meer verder kunnen of zelfs niet meer verder willen. En er zijn mensen die juist heel praktisch worden en alles willen regelen. In zo’n periode wordt ieders eigen manier van overleven of omgaan met een intens heftige situatie vaak uitvergroot. Juist daardoor wordt het moeilijk om voorbij het zichtbare gedrag te kijken en werkelijk te zien wat de ander nodig heeft. In het midden van zo’n ingrijpende werkelijkheid vraagt dat simpelweg te veel van ieder afzonderlijk.

Al deze reacties horen bij dezelfde werkelijkheid: het besef dat het leven eindig is en dat er afscheid genomen moet worden.

Er worden woorden ingeslikt omdat je de ander niet nog meer verdriet wilt doen. Gevoelens worden stil gehouden omdat je denkt dat de ander het al zwaar genoeg heeft. Zo kan er een situatie ontstaan waarin er enorm veel liefde aanwezig is, maar waarin die liefde niet meer vrij kan bewegen.

Pas veel later begreep ik dat er in mijn eigen systeem al een diepe laag van verlies aanwezig was. Mijn beide ouders hadden op jonge leeftijd hun vader verloren. In het familiesysteem van mijn moeder waren meerdere verliezen geweest, naast het verlies van haar moederland. Zij was Indisch, en het zogeheten Indisch zwijgen was duidelijk aanwezig. In die tijd werd er nauwelijks gesproken over gevoelens of over wat werkelijk pijn deed.

Die onderstroom leefde al in mijn lichaam. Ik had in mijn jeugd geleerd om stil te zijn, om door te gaan en om verdriet niet altijd woorden te geven. Ook dienstbaar zijn voor de ander, vaak ten koste van mijzelf, hoorde daarbij. Zorgen voor de ander, me aanpassen, mezelf ondergeschikt maken aan wat nodig leek. Dat was een houding die ik van jongs af aan had geleerd.

Deze manieren van overleven zie ik ook terug in andere gezinnen waarin iemand ernstig ziek wordt. Liefde is er volop, en toch blijkt het in zo’n intense werkelijkheid vaak moeilijk om de verbinding en de liefde vrij te laten stromen. Mensen proberen elkaar te sparen, terwijl ieder tegelijk zijn eigen manier zoekt om met de situatie om te gaan.

Toen duidelijk werd dat mijn dochter zou sterven, werd dus niet alleen dat ene moment geraakt. Het raakte ook deze diepere lagen van mijn eigen geschiedenis en van het systeem waaruit ik voortkom.

Misschien is dat ook waarom ik zo scherp voelde dat ik niet vooruit kon leven in angst. Als ik dat zou doen, zou ik deze periode niet kunnen dragen.

En juist daar ontstond ook mijn keuze om in het moment te blijven. Als ik vooruit zou gaan leven in angst, zou ik deze periode niet kunnen dragen. Dus ik maakte een keuze die niet bedacht was, maar vanzelf ontstond. Ik ging leven in het moment. Dat was het enige wat we hadden.

En in dat hier en nu probeerden we te genieten van wat er nog was. Van elkaar. Van het gezin. Van Anne Marèl.

De noodzaak van loslaten

Het woord loslaten wordt vaak gebruikt wanneer iemand stervende is. Soms klinkt het bijna zacht of spiritueel. Maar in werkelijkheid is het vaak helemaal niet zacht. Het is een diepe en soms rauwe noodzaak die zich aandient wanneer het leven naar zijn einde beweegt.

Loslaten betekent niet dat de liefde ophoudt. Loslaten betekent uiteindelijk op een andere manier verbonden blijven. Maar dat heeft tijd nodig en begint vaak met een pijnlijk besef: dat iemand werkelijk zal gaan.

Op een bepaald moment hebben wij tegen Anne Marèl gezegd dat ze mocht gaan wanneer ze er klaar voor was. Voor mij persoonlijk voelde loslaten als een ultieme daad van liefde voor haar. Ik had haar nog zo graag bij me willen houden, maar diep vanbinnen wist ik dat dat niet voor haar welzijn zou zijn geweest.

Het al dan niet kunnen loslaten van degene die gaat sterven is een diep persoonlijk innerlijk proces. Het vraagt veel van een mens. Want wanneer je werkelijk loslaat, komt vaak ook de vraag omhoog: wat blijft er dan nog over? De leegte, het gemis, de werkelijkheid zonder die ander – dat zijn vragen die in het hart raken.

Tegelijkertijd draagt loslaten ook een andere laag in zich. Wanneer iemand sterft, is het voor degene die overgaat belangrijk dat hij of zij in liefde en vrijheid kan gaan. Niet vastgehouden door angst, schuld of het gevoel dat hij of zij de anderen achterlaat. In die zin is loslaten ook een daad van liefde voor degene die zijn weg vervolgt.

En dat is begrijpelijk. Want loslaten gebeurt niet alleen aan de kant van de naasten.

Ook degene die sterft moet loslaten. Wanneer iemand sterft, laat hij of zij het leven hier achter: de mensen die lief zijn, het lichaam, het leven dat nog geleefd had kunnen worden. Dat vraagt een ongelooflijk vertrouwen. Het betreft ook de zorgen om de geliefden die achterblijven, diepe vragen die naar boven komen, alles nog goed willen regelen.

Daarom noem ik het een wederzijds proces.

Het sterven zelf gebeurt uiteindelijk in een heel innerlijke ruimte. Tegelijkertijd wordt de weg ernaartoe gedragen door de relaties die met elkaar verbonden zijn.

Wanneer ieder zijn eigen weg loopt

In een periode waarin sterven dichterbij komt, gebeurt er nog iets anders. Iedereen in het gezin gaat door zijn eigen innerlijke proces.

De één wil praten. De ander wordt stil. De één zoekt nabijheid. De ander trekt zich terug. Je staat samen in dezelfde werkelijkheid, maar innerlijk loopt iedereen een andere weg.

Als moeder kwam daar voor mij nog een extra laag bij. Ik wilde mijn kinderen beschermen. Ik ving liever zelf de klappen op dan dat zij dat moesten doen. Dus ik zorgde voor hen.

Maar achteraf kan ik ook zeggen: wie zorgde er voor mij?

We hadden mensen om ons heen die er wilden zijn. Daar ben ik dankbaar voor. En toch voelde ik vijftien jaar later heel helder dat er iets ontbrak. Niet meer zorg. Niet meer oplossingen.

Maar iemand die naast ons had kunnen staan.

Sterven is geen proces dat iemand alleen doormaakt. Het beweegt door een heel gezin heen, door alle relaties die met elkaar verbonden zijn.

De bedding van een afgestemde begeleider

Wat ik toen heb gemist, is iemand die naast ons kon staan zonder iets te willen oplossen.

Iemand die het gesprek opent wanneer woorden moeilijk zijn. Iemand die vragen durft te stellen die binnen een gezin niet vanzelf ontstaan. Iemand die vooruit kan kijken wanneer wij dat zelf niet konden.

En vooral iemand die kan luisteren.

Voor mij is zo iemand volledig afgestemd. Niet iemand die zijn overtuiging oplegt over wat sterven is, maar iemand die open blijft. Nieuwsgierig blijft. Iemand die kan blijven staan in het mysterie van leven en sterven.

Voor mij is dood niet alleen een einde. Voor mij voelt sterven ook als een vorm van geboren worden in een andere werkelijkheid.

Een afgestemde hoeft dat niet exact zo te benoemen. Maar hij of zij kan wel open blijven voor dat grotere perspectief.

Autonomie binnen stervensbegeleiding

Wat voor mij ook heel belangrijk is geworden, is autonomie. Iedereen moet zijn eigen manier mogen hebben om met sterven en rouw om te gaan.

Soms willen mensen er veel over praten. Soms juist niet.

Begeleiding betekent daarom niet dat je het proces overneemt of dat je gaat invullen wat goed is voor de ander. Het betekent dat je samen onderzoekt wat nodig is.

Wat heeft degene die sterft nodig? Wat heeft het gezin nodig? Wat kan helpend zijn – en wat juist niet?

Van daaruit ontstaat een bedding waarin het proces zich kan ontvouwen.

De bedding van stervensbegeleiding

Wanneer ik nu terugkijk op die zeven maanden met Anne Marèl, zie ik hoe intens en waardevol die periode was. Tegelijkertijd kan ik met de wijsheid van nu ook voelen dat de aanwezigheid van een afgestemde begeleider een grote meerwaarde had kunnen zijn.

Niet omdat er iets ontbrak of omdat we iets gemist hebben. Die periode hebben wij als gezin op onze eigen manier doorleefd. Maar ik weet inmiddels hoe waardevol het kan zijn wanneer er iemand naast een gezin staat die ruimte kan houden voor alles wat er gebeurt.

Niet om het proces over te nemen. Niet om antwoorden te geven op vragen die misschien niet beantwoord kunnen worden.

Maar om aanwezig te zijn.

Iemand die er kan zijn voor degene die sterft, voor het gezin en voor de gesprekken die soms moeilijk zijn maar wel gevoerd willen worden. Iemand die het gesprek opent wanneer woorden lastig zijn. Iemand die kan luisteren zonder in te vullen. Iemand die kan blijven staan wanneer emoties, stilte of onzekerheid zich aandienen.

In zo’n periode bewegen leven, afscheid, liefde en zorg voortdurend door elkaar heen. Soms zijn er praktische vragen. Soms willen er woorden gezegd worden. Soms is er alleen behoefte aan iemand die aanwezig kan zijn bij alles wat is, wat gevoeld wil worden.

Dat is de vorm van stervensbegeleiding die ik voel dat ik wil neerzetten.

Niet vanuit theorie, maar vanuit een ervaring die doorleefd is.

Omdat ik weet hoe het voelt wanneer je er middenin zit. En omdat ik weet hoe waardevol het kan zijn wanneer er iemand naast je staat die de ruimte kan houden voor leven, sterven en alles wat daartussen gebeurt.

Voor mij voelt het steeds duidelijker dat dit mijn roeping is.

Een bedding bieden waarin degene die sterft en de mensen eromheen gedragen worden in wat er werkelijk gebeurt: leven, loslaten, liefde en afscheid.

Verbonden in Licht en Liefde,
met elkaar en voor elkaar
samen zijn we één

Nicole




Holistische begeleiding bij overgangsmomenten

Voor mensen die geconfronteerd worden met rouw, verlies en sterven binnen hun gezin

Wanneer een gezin geconfronteerd wordt met rouw, verlies of een naderend sterven, verandert er veel tegelijk. Soms begint dat bij een ongeneeslijke ziekte en het besef dat het leven eindig wordt. Soms komt het na een overlijden, wanneer het leven verder moet zonder degene die er altijd was. In zulke periodes komen er vaak vragen, emoties en gesprekken naar boven waarvoor niet altijd vanzelf woorden zijn.

In mijn begeleiding werk ik vooral met volwassenen – partners, ouders en naasten – die geraakt worden door rouw, verlies of het naderende sterven van een dierbare. Hoewel ik in de praktijk meestal met volwassenen werk, raakt wat er gebeurt vrijwel altijd het hele gezin. Daarom neem ik in mijn begeleiding ook het gezin en het familiesysteem mee waarin iemand leeft.

In mijn begeleiding sta ik naast mensen die zich midden in een periode van rouw, verlies of een naderend sterven bevinden. We kijken samen naar wat er speelt, wat er gevoeld wordt en wat er op dat moment nodig is — voor degene die ziek is, voor de naasten en voor het gezin waarin dit alles plaatsvindt.

Op dit moment werk ik mijn website verder uit zodat duidelijker zichtbaar wordt hoe deze begeleiding vorm krijgt.

Wil je op de hoogte blijven van nieuwe blogs, inzichten en de verdere ontwikkeling van mijn werk, dan kun je je inschrijven voor mijn nieuwsbrief. Ook kun je via de contactpagina contact met mij opnemen.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief of neem gerust contact op

Voel je welkom
Nicole Broers | Holistische zielsbegeleider bij rouw, verlies en sterven

Nicole Broers

Holistische zielsbegeleider bij rouw, verlies en sterven

Ik begeleid mensen en gezinnen die geraakt worden door rouw, verlies of ziekte – momenten waarop het leven diepingrijpend verandert en niets meer vanzelfsprekend voelt.

Soms begint dat wanneer duidelijk wordt dat iemand ongeneeslijk ziek is en het leven eindig wordt. Soms wanneer een overlijden heeft plaatsgevonden en het leven verder moet zonder degene die er altijd was. In beide situaties ontstaat een periode waarin veel tegelijk beweegt: emoties, vragen, gesprekken binnen het gezin en de zoektocht naar hoe verder te leven met wat er gebeurt. 

In mijn begeleiding werk ik voornamelijk met volwassenen – partners, ouders en naasten – die geraakt worden door rouw, verlies of het naderende sterven van een dierbare. Tegelijk raakt wat er gebeurt vrijwel altijd het hele gezin. Daarom neem ik in mijn begeleiding ook het gezin en het familiesysteem mee waarin iemand leeft.

Ik loop met mensen mee in een periode waarin leven, sterven, afscheid en rouw dicht bij elkaar liggen.

Mijn werk is ontstaan in de ruimte waar leven, sterven en rouw elkaar raken. Niet als idee, maar als werkelijkheid die ik zelf heb doorleefd.

Wat anderen over Nicole zeggen

“Wat een groeiproces en geweldige tools die we aangereikt krijgen! Het is zo mooi om te zien en te voelen wat er gebeurd tijdens deze lessen. Voor mij is het telkens een beetje reizen, ook letterlijk 2 uur in de auto heen… en 2 uur terug (BelgiĂ«). Dankzij Nicole, een krachtige en liefdevolle vrouw, was er vanaf het eerste moment een ‘safe space’.”

Nathalie Lenters, 39 jaar

quotes icoon

Lees mijn laatste artikelen

Naar het blog